Vorig artikel
Voor EndemolShine is Big Bounce een ‘droomproject’

Dream & Consider

Jürgen Ettinger, ELI Play Slovakia s.r.o., over de verschillen tussen Oost en West-Europa

Door het dak

Volgend artikel

“Kinderen bepalen waar mama de boodschappen doet”

Is een Russische klant heel anders dan een Franse afnemer? En kinderen in Slowakije: houden die eigenlijk van andere klimtoestellen en games dan kids uit West-Europese landen als België of Duitsland? Acht stellingen voor de Oostenrijker Jürgen Ettinger, directeur van ELI Play Slovakia s.r.o..

1. Als je in Oostenrijk woont en in Slowakije werkt, heb je eigenlijk een te druk bestaan.

“Nou, druk is het sowieso. Ik woon nog steeds in Oostenrijk en ben in 2006 naar Bratislava gekomen om het dochterbedrijf van ELI Play – ELI Play Slovakia s.r.o. – op te zetten. Ik pendel tussen Oostenrijk en Slowakije, ben elk weekend thuis bij mijn vrouw en twee kinderen. En dat gaat al jaren prima, dus geen zorgen hoor!”

2. Hard werken is prima, als je maar plezier hebt.

“En dat heb ik. Mijn werk gaat over fun. Wat wil je nog meer? Ik ben nu 36 en ben hiermee begonnen toen ik 12 was. Ik groeide op in een boerderij met veel machines en bouwde al snel mijn eerste zandbak, glijbaan en schommel. Toen is mijn carrière begonnen. Eigenlijk doe ik nu hetzelfde werk, alleen ontwikkel ik de toestellen niet. Ik run de sales van Oost-Europa en ben daarnaast samen met een collega verantwoordelijk voor de installatie van speelplaatsen, wereldwijd.”

3. Indoor entertainment in Oost-Europa wordt positief beïnvloed door het westen.

“Het is zeker zo dat deze markt over is komen waaien vanuit het westen. Oost-Europese exploitanten realiseren zich nu welke enorme potentie er is op het gebied van entertainment en vrije tijd. Dit fenomeen wordt hier meestal gecombineerd met winkelen. Dus de meeste speelplaatsen maken onderdeel uit van een winkelcentrum. Dat is een groot verschil in vergelijking met de westerse markten, waar de toestellen meestal in de entertainment centers staan. Hier gaat de vrouw winkelen en blijft de man bij de kinderen in de speelplaats. Ze hebben de hele week gewerkt en besteden hun tijd met leuke dingen doen met de kinderen, terwijl de vrouw het geld uitgeeft. Dat is de wat oneerbiedige manier om het goed uit te leggen.”

4. Russische ondernemers hebben een unieke kijk op de entertainment sector.

“Daar zoeken ze maar één ding: een unieke ervaring. En wel zodanig dat er meer klanten naar hún winkelcentrum komen. Dat is de sleutel naar het succes. Ieder winkelcentrum heeft een unieke manier nodig om klanten aan te trekken. Over het algemeen zijn de kinderen op vrije dagen dan ook de baas. Zij zeggen waar ze naar toe willen en de volwassenen volgen omdat zij rustig boodschappen willen doen.”

5. ELI Play is heel breed. Niet alleen toestellen maar ook de nieuwste 3D-animaties. De Oost-Europese verwelkomt deze innovaties met open armen.

“Oh, de ondernemers en hun gasten staan hier inderdaad open voor innovatie. Hier liggen zoveel kansen voor nieuwe mogelijkheden. Op het moment gaat de koers hier sterk richting 3D theming: het inzetten van 3D-modellen, waarmee je de speelelementen en speelfaciliteiten een driedimensionaal extraatje geeft in een verhaallijn. Wij zijn hier heel druk met het implementeren van interactieve en virtuele spelletjes naast onze spellen, onze Trampolineparken en onze Ninja Parcours-sector.”

6. Kinderen zijn kinderen. Of ze nu uit Amsterdam of Bratislava komen.

“Ze zijn overal hetzelfde, ze willen allemaal van hun vrije tijd genieten en ze willen allemaal bewegen en plezier maken. Over ter wereld. Het enige verschil is het uitvoeringsmodel. De huur van vastgoed in Bratislava is bijvoorbeeld nóg hoger dan in West-Europese steden als Amsterdam, Brussel of Parijs. Dus het bedrijfsmodel in de centers moet worden aangepast naar een toegangstarief per uur in plaats van per dag, zoals in Nederland en Duitsland gebruikelijk is. Anders komen veel mensen niet.”

7. Het westen kan veel leren van het oosten.

“De Oost-Europese markt is natuurlijk een veel jongere markt, dus de Oost-Europeanen kiezen doorgaans het beste van het westen, wanneer ze het geld hebben. We maken bij wijze van spreken al 20 jaar hetzelfde soort opgebouwde speelplaatsen in grote hallen, maar daar is in het oosten geen sprake van. Daar meet een ruimte slechts 200 tot 300 vierkante meter en wil de ondernemer daar het maximale uithalen. Als je specifiek kijkt naar de Russische markt, ziet het concept er weer heel anders uit. Als er budget voor is nemen ze er zelfs spectaculaire attracties als rollercoasters in op. Het westen kan leren van hoe snel de vooruitgang gaat in het oosten. Maar ook van hoe efficiënt ze daarmee omgaan en alle aandacht richten op de uniciteit. Het oosten ontwikkelt ‘ons’ concept snel en vernieuwend. In het westen zijn ondernemers conservatiever van aard.”

8. Tot slot: u begon in 2006 en overleefde de crisis. Dat mag een wonder heten.

“Geen wonder, want de speelparken, trampolineparken en sportparken van ELI Play zijn veilige investeringen voor ondernemers die erin stappen. Ook tussen 2008 en 2010 liepen alle projecten erg goed, zelfs beter dan ervoor. Tijdens de crisis vlogen consumenten niet meer met hun hele gezin naar de Cariben voor een vakantie. Ze bleven vaker thuis en genoten van kleine hoogtepunten als een bezoek aan een speelpark. Dit is dus echt een bedrijfsmodel dat veilig is voor onze klanten. Crisis of geen crisis.”


Loading page...